Blog - Nieuws - Tips

Dahlia-groep MEC wil kleiner veld

Over een eigen dahlia-veld kunnen beschikken, heeft voor een corsogroep de nodige voordelen. Zo ben je voor de bloemen voor je wagen niet afhankelijk van de oogst van andere velden. En kun je zoveel dahlia’s gebruiken als je zelf wilt. Tevens is het leuk om met een groep enthousiastelingen een mooie oogst te bewerkstelligen.

Tekst en foto: Bart Kraan

Maar een eigen dahlia-veld hebben, is uiteraard niet alleen maar rozengeur en maneschijn. Het vereist de nodige manuren en inspanning. Vooral als je een groot veld hebt. Daar weten de dahlia-telers van MEC alles van. De groep die de wagen van de voetbalvereniging uit Miste en Corle van bloemen voorziet, beschikt over een veld van 0.6 hectare. Te groot, aldus Jelle Averdonk namens de dahlia-groep van MEC. ”We willen een kleiner veld, van 0.3 hectare. Want het veld dat we nu hebben, is behoorlijk arbeidsintensief. Als het meezit, is het prima. Maar nu hebben we bewaarproblemen. De knollen zijn te nat in de winteropslag gekomen, zodat ze zijn gaan rotten en schimmelen. Daarom hebben we tweedehandse en nieuwe knollen moeten bijkopen. Maar het is een sport om het veld vol te krijgen.”
Om op de huidige plek, schuin achter Loonbedrijf Miste aan de Misterweg, echter een kleiner veld te realiseren, is volgens Jelle niet mogelijk. ”Dit veld hebben we in bruikleen. Als ons veld de helft kleiner wordt, zit de eigenaar met 0.3 hectare waar hij niets mee kan.”

Om tot een goede oogst te komen, pakken de dahlia-telers van MEC de zaken professioneel aan. Zo beschikt de groep sinds drie jaar over een beregeningsinstallatie. Die is in de plaats gekomen van de drie sproeiers waarmee ze aanvankelijk werkte. ”Die moesten we drie keer per dag verzetten, dertig tot 45 meter per keer”, vertelt Jelle. ”Dan moesten de oudere groepsleden, zoals Jan Bent en Gerrit Lammers, ook met slangen slepen. Heel zwaar werk. Vandaar die beregeningsinstallatie, die ook als voordeel heeft dat de planten van voldoende vocht worden voorzien. Bij sproeiers verdampt het water soms snel.”
Die beregeningsinstallatie functioneert heel behoorlijk. Maar de dahlia-groep van MEC had de pech dat kraaien diverse keren gaten in de slangen prikten. Met als gevolg dat die telkens vervangen moesten worden. ”Kostte ons 1700 euro in totaal”, vertelt Jelle. ”Nu hebben we andere, dikkere, slangen.”

De dahlia-groep van MEC telt zo’n  dertig man. ”Met dat aantal zijn we tevreden”, vertelt Jelle. De oude garde, met ondere dus Bent en Lammers, neemt het schoffelen en knippen voor haar rekening, de jongeren (leeftijd 34 tot 60 jaar) doen het zware werk. De groepsleden kunnen het goed met elkaar vinden. Jelle: ”Ons kent ons. Veel leden komen elkaar bij MEC tegen, maar sommigen kennen elkaar ook van het werk. En er zit ook familie bij.”
Bij wijze van afsluiting van het seizoen komt de groep in januari of februari bij elkaar voor het ‘stoppelhaene’, oftewel het gezamenlijk pannenkoeken eten. ”Dan bakken de vrouwen van de vrijwilligers pannenkoeken en eten we die met z’n allen op. Altijd hartstikke gezellig.”

 

De dahlia-groep van MEC teelt per seizoen 340.000 bloemen, waarvan er 60.000 naar de eigen wagen gaan. De overige 280.000 bloemen worden verkocht aan corsogroepen uit onder meer Zundert, Beltrum en Rekken. Rijk wordt MEC daar niet van. Jelle: ”De opbrengst is 0,02 cent per bloem. Eigenlijk weinig gezien het werk dat we ermee hebben.”